Citaat | Hoge Raad 30 november 2001
Alinea 37 Hoge Raad 30 november 2001
Een alinea uit Hoge Raad 30 november 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD5350.
3.2 Het Hof heeft de hierop betrekking hebbende vordering van Seba tot schadevergoeding toegewezen tot een bedrag van ƒ 32.503,66 ter zake van door Seba gemaakte kosten. De vordering van Seba ter zake van winstderving heeft het Hof echter afgewezen. Daartoe heeft het Hof overwogen (rov. 4.15) dat Seba zich de mogelijkheid heeft ontnomen om van [verweerder] vergoeding van die schade te verlangen, nu zij niet is ingegaan op het ongeveer een half jaar na het niet gestand doen van de koopovereenkomst door [verweerder] gedane voorstel om de aandelen alsnog voor ƒ 4.250.000,-- te kopen. In rov. 4.16 overweegt het Hof dat zulks onmiskenbaar volgt uit de briefwisseling van de (toenmalige) advocaten van partijen, waaruit het Hof enkele passages aanhaalt, onder meer de volgende zin uit een brief van de advocaat van Seba: "Het is correct dat cliënt niet langer bereid is te onderhandelen over de aankoop van de betreffende vennootschappen voor de prijs van ƒ 4.250.000,--." In rov. 4.17 vervolgt het Hof dan:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f4ce89d804cbe3d1dd3bd244319aa2eb966aa2b924ebc4443a57d47f387ba4ea. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f4ce89d804cbe3d1dd3bd244319aa2eb966aa2b924ebc4443a57d47f387ba4ea, en de alinea staat in dat document op bytes 7677 tot 8703.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f4ce89d804cbe3d1dd3bd244319aa2eb966aa2b924ebc4443a57d47f387ba4ea | shasum -a 256