Citaat | Hoge Raad 13 november 2001

Alinea 23 Hoge Raad 13 november 2001

Een alinea uit Hoge Raad 13 november 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD5455.

2.4. Zoals uit het hiervoor onder 2.1 en 2.2 overwogene blijkt is in het onderhavige geval de verdenking ontstaan ten tijde dat de betrokkene vice-president was van de Arrondissementsrechtbank te Maastricht en zou hij voor die rechtbank moeten worden vervolgd en berecht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/83de036251a49523ecf798ba208e3c0f3cf0db13f8bf7b58f57e970de817f30e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 83de036251a49523ecf798ba208e3c0f3cf0db13f8bf7b58f57e970de817f30e, en de alinea staat in dat document op bytes 7442 tot 7726.