Citaat | Hoge Raad 30 november 2001

Alinea 13 Hoge Raad 30 november 2001

Een alinea uit Hoge Raad 30 november 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD6419.

2.2. Naar aanleiding van het arrest van het Hof van Justitie heeft belanghebbende betoogd dat de Richtlijn blijkens dat arrest Nederland toestaat assurantiebelasting te heffen van een in het Verenigd Koninkrijk gevestigde groepsmaatschappij over de betaalde premies voor de verzekering van het bedrijfsrisico van een Nederlandse (klein-)dochtermaatschappij, maar dat Nederland van de aldus ontstane mogelijkheid van extraterritoriale heffing van assurantiebelasting vooralsnog geen gebruik heeft gemaakt. Dit betoog, dat aansluit bij het onderdeel van het middel waarin wordt aangevoerd dat bij de wetswijziging in 1990 ter uitvoering van de Richtlijn niet beoogd is de betekenis van de term vestiging te veranderen in die zin dat het heffingsbereik van de assurantiebelasting zou worden uitgebreid of beperkt ten opzichte van de oude regeling, kan evenwel niet als juist worden aanvaard. Daartoe wordt het volgende overwogen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d88ca79f04df916e98cd620eb7a10d67d759366ee00ad518540a0b5bfdb05079. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d88ca79f04df916e98cd620eb7a10d67d759366ee00ad518540a0b5bfdb05079, en de alinea staat in dat document op bytes 7769 tot 8709.