Citaat | Hoge Raad 19 oktober 2001
Alinea 43 Hoge Raad 19 oktober 2001
Een alinea uit Hoge Raad 19 oktober 2001, ECLI:NL:HR:2001:ZC3689.
3.5.1 Onderdeel 3 klaagt dat de Rechtbank ten onrechte, althans op onvoldoende begrijpelijke gronden is uitgegaan van "het ervaringsfeit dat het dagelijks verkeren in een bepaalde werksituatie tot een vermindering van de ter voorkoming van ongelukken raadzame voorzichtigheid leidt", en dit ervaringsfeit mede ten grondslag heeft gelegd aan haar oordeel dat PTT Post onvoldoende veiligheidsmaatregelen heeft getroffen. Genoemd ervaringsfeit kan, aldus het onderdeel, in een zaak als deze, waar het gaat om een verkeersongeval ten gevolge van onvoorzichtig gedrag van een werknemer, geen gewicht in de schaal leggen nu geenszins valt in te zien dat als ervaringsfeit kan worden aangemerkt dat dagelijkse deelname aan het wegverkeer leidt tot een vermindering van de ter voorkoming van verkeersongelukken raadzame voorzichtigheid.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f4df67ce92755ac2a8215126bfd3fb95eb31ad0fb96b4312b2c8879d67205381. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f4df67ce92755ac2a8215126bfd3fb95eb31ad0fb96b4312b2c8879d67205381, en de alinea staat in dat document op bytes 12622 tot 13471.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f4df67ce92755ac2a8215126bfd3fb95eb31ad0fb96b4312b2c8879d67205381 | shasum -a 256