Citaat | Hoge Raad 11 januari 2002
Alinea 37 Hoge Raad 11 januari 2002
Een alinea uit Hoge Raad 11 januari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD4929.
3.1 [Verweerster] heeft [eiseres 1] gedagvaard, zoals hiervoor onder 1 is vermeld. [Verweerster] heeft gesteld - voor zover in cassatie van belang - dat [eiseres 1] op basis van aanneming van werk in opdracht en voor rekening van [verweerster] timmerwerkzaamheden heeft verricht op werken te Heerhugowaard. Met betrekking tot deze werken, aldus [verweerster], zijn de werkzaamheden van [eiseres 1] ondeugdelijk geweest waardoor vertraging is ontstaan, en zij genoodzaakt is geweest de timmerwerkzaamheden aan 42 woningen door een derde te laten uitvoeren, waardoor zij een winst heeft gederfd van ƒ 6.258,--. In conventie heeft zij dit bedrag gevorderd. [Verweerster] heeft de overeenkomst tussentijds buitengerechtelijk ontbonden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/02b52065f616784147addfad0003cd2133cf27d9ced0ab8b49de328699a1e78b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 02b52065f616784147addfad0003cd2133cf27d9ced0ab8b49de328699a1e78b, en de alinea staat in dat document op bytes 8898 tot 9644.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/02b52065f616784147addfad0003cd2133cf27d9ced0ab8b49de328699a1e78b | shasum -a 256