Citaat | Hoge Raad 11 januari 2002

Alinea 40 Hoge Raad 11 januari 2002

Een alinea uit Hoge Raad 11 januari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD4932.

3.4 Onderdeel 1 is gericht tegen de voormelde rov. 8 en betoogt dat de Rechtbank aldus is uitgegaan van een onjuiste opvatting omtrent art. 798 lid 2 Rv. Bij de behandeling van het onderdeel moet het volgende worden vooropgesteld. Bij onderbewindstelling geldt dat het beheer over de onder bewind staande goederen toekomt aan de bewindvoerder (art. 1:438 lid 1 BW), die echter voor bepaalde handelingen de toestemming van de rechthebbende nodig heeft (art. 1:441 lid 2) en dat laatstgenoemde slechts met medewerking van de bewindvoerder beschikkingshandelingen kan verrichten (art. 1:438 lid 2). Voor het geval tussen hen verschil van mening bestaat over de wenselijkheid of noodzaak van bepaalde beschikkingshandelingen, kan de benodigde toestemming worden vervangen door een op verzoek van de bewindvoerder (art. 1:441 lid 2) onderscheidenlijk de rechthebbende (art. 1:438 lid 2) door de Kantonrechter verleende machtiging. Hierbij gaat het - uit de in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 2.9 weergegeven passage uit de parlementaire geschiedenis blijkt dat dit de wetgever ook voor ogen stond - om een beperkte regeling, waarbij slechts de rechthebbende en de bewindvoerder zijn betrokken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/87797b180076fe9ff8e3b2258ccee49884d65586b94cb141699ebbae0355fb3f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 87797b180076fe9ff8e3b2258ccee49884d65586b94cb141699ebbae0355fb3f, en de alinea staat in dat document op bytes 11884 tot 13097.