Citaat | Hoge Raad 18 juni 2002

Alinea 41 Hoge Raad 18 juni 2002

Een alinea uit Hoge Raad 18 juni 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD5297.

Nu, naar uit het vorenoverwogene volgt, de Rechtbank bij beschikking van 6 april 2000 - dus na de behandeling van het onderhavige klaagschrift, doch voordat de bestreden beschikking is gegeven - heeft beslist dat kennisneming van de stukken in de strafzaak tegen klager, in welk kader de doorzoeking en inbeslagneming die onderwerp zijn van de onderhavige procedure hebben plaatsgevonden, niet aan klager had mogen worden onthouden, had de Rechtbank, alvorens op het klaagschrift te beslissen, een nadere behandeling van het klaagschrift dienen te bepalen teneinde klager en diens raadsman in de gelegenheid te stellen zich naar aanleiding van de kennisneming van de op de zaak betrekking hebbende stukken uit te laten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0c2dcbe93cdd9a8cc3b4a103c76dce6593844a465d3948d9be4aff6e7a9d1fcf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0c2dcbe93cdd9a8cc3b4a103c76dce6593844a465d3948d9be4aff6e7a9d1fcf, en de alinea staat in dat document op bytes 15181 tot 15914.