Citaat | Hoge Raad 18 juni 2002

Alinea 58 Hoge Raad 18 juni 2002

Een alinea uit Hoge Raad 18 juni 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD5297.

De raadsman heeft zich ten slotte beroepen op de stelling dat, indien al aangenomen zou moeten worden dat klager samen met zijn cliënt zich aan strafbare feiten zou hebben schuldig gemaakt, er niet gezegd kan worden dat er sprake is van zodanig ernstig strafbare feiten dat er moet worden gesproken van als zeer uitzonderlijk te kwalificeren omstandigheden als bedoeld in meergenoemd arrest van de Hoge Raad d.d. 30 november 1999 (JOL 1999, 270).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0c2dcbe93cdd9a8cc3b4a103c76dce6593844a465d3948d9be4aff6e7a9d1fcf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0c2dcbe93cdd9a8cc3b4a103c76dce6593844a465d3948d9be4aff6e7a9d1fcf, en de alinea staat in dat document op bytes 22251 tot 22711.