Citaat | Hoge Raad 18 juni 2002
Alinea 72 Hoge Raad 18 juni 2002
Een alinea uit Hoge Raad 18 juni 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD5297.
In de bestreden beschikking heeft de Rechtbank voorts als haar oordeel tot uitdrukking gebracht dat in geval van een dergelijke zeer uitzonderlijke omstandigheid de beantwoording van de vraag of bepaalde brieven of geschriften in een zodanig direct verband staan met het aan de doorzoeking ten grondslag liggende strafbare feit, dat zij kunnen dienen om de waarheid aan de dag te brengen uiteindelijk toekomt aan de rechter-commissaris en dat dienaangaande het door de deken van de plaatselijke Orde van Advocaten of diens vervanger ingenomen standpunt niet doorslaggevend is. Dat oordeel geeft geen blijk van miskenning van de hiervoor onder 5.4.3 bedoelde maatstaf.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0c2dcbe93cdd9a8cc3b4a103c76dce6593844a465d3948d9be4aff6e7a9d1fcf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0c2dcbe93cdd9a8cc3b4a103c76dce6593844a465d3948d9be4aff6e7a9d1fcf, en de alinea staat in dat document op bytes 30387 tot 31073.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0c2dcbe93cdd9a8cc3b4a103c76dce6593844a465d3948d9be4aff6e7a9d1fcf | shasum -a 256