Citaat | Hoge Raad 22 februari 2002

Alinea 68 Hoge Raad 22 februari 2002

Een alinea uit Hoge Raad 22 februari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD5356.

6.1 Ook al is aannemelijk dat [verweerster], als de moeder van een jong kind dat bij een ernstig verkeersongeval om het leven is gekomen, valt in de categorie van personen die het meest in aanmerking zouden komen voor de toekenning van een vergoeding ter zake van, zoals het in het algemeen wordt aangeduid, affectieschade, dan nog kan de rechter daarin niet de vrijheid vinden om, vooruitlopend op een eventueel door de wetgever door te voeren wijziging van de wet op dit punt, aan haar een vergoeding toe te kennen. Verwezen wordt naar hetgeen hiervoor in 4.2 is overwogen. Daarop stuit onderdeel I van het middel af.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c5593f0e8846cb47f7ac54d230a15ac65140960e4a98848c6799284b9cdece4a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c5593f0e8846cb47f7ac54d230a15ac65140960e4a98848c6799284b9cdece4a, en de alinea staat in dat document op bytes 26194 tot 26826.