Citaat | Hoge Raad 5 februari 2002
Alinea 29 Hoge Raad 5 februari 2002
Een alinea uit Hoge Raad 5 februari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD5371.
4.5. Nu uit hetgeen hiervoor onder 4.3.1 en 4.3.2 is overwogen bezwaarlijk anders kan volgen dan dat [betrokkene B] bij de indiening van het formulier niet beschikte over een volmacht als hiervoor onder 4.4 bedoeld terwijl de stukken van het geding niets inhouden waaruit kan volgen dat die volmacht nadien alsnog is overgelegd, zodat het ervoor moet worden gehouden dat dat niet is geschied, had het Hof, anders dan het klaarblijkelijk heeft gedaan, haar niet als vertegenwoordiger van de benadeelde partij mogen aanmerken. Het middel klaagt daarover terecht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d9ddaa26d54401aad69cd9c23208821dff2066d7cd3d7773cf3b5eb2038ec65d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d9ddaa26d54401aad69cd9c23208821dff2066d7cd3d7773cf3b5eb2038ec65d, en de alinea staat in dat document op bytes 9590 tot 10165.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d9ddaa26d54401aad69cd9c23208821dff2066d7cd3d7773cf3b5eb2038ec65d | shasum -a 256