Citaat | Hoge Raad 1 februari 2002

Alinea 69 Hoge Raad 1 februari 2002

Een alinea uit Hoge Raad 1 februari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD5809.

4.2 Onderdeel 1.3 bevat voorts de klacht dat het Hof in zijn rov. 3.1 een onbegrijpelijke uitleg heeft gegeven aan het subsidiaire betoog van de Ontvanger. Dat hield immers in, aldus het onderdeel, dat FGH c.s. wisten of behoorden te weten dat Marialaan er niet voor zou zorgen dat de geldzakvennootschappen hun belastingschulden zouden voldoen, terwijl het Hof dit betoog in genoemde rechtsoverweging aldus weergeeft dat FGH c.s. wisten of behoorden te weten dat Marialaan niet in staat zou zijn ervoor te zorgen dat die vennootschappen hun belastingschulden zouden voldoen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0a68a8a7747f0da8e90eab9a801b57db8d6500a52e738f16de61e716d3a98769. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0a68a8a7747f0da8e90eab9a801b57db8d6500a52e738f16de61e716d3a98769, en de alinea staat in dat document op bytes 21287 tot 21875.