Citaat | Hoge Raad 1 februari 2002
Alinea 75 Hoge Raad 1 februari 2002
Een alinea uit Hoge Raad 1 februari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD5809.
4.5.3 Anders dan het Hof in zijn rov. 3.7 en 3.14 heeft geoordeeld, kan uit de geschiedenis van de totstandkoming van de Invorderingswet 1990 niet worden afgeleid dat de wetgever van oordeel was dat de norm inhoudende dat de houder van de aandelen in een geldzakvennootschap met vervangingsreserves die aandelen niet behoort te vervreemden indien hij weet of behoort te weten dat die vennootschap vervolgens zal worden leeggehaald, zodat inning van nog verschuldigde vennootschapsbelasting onmogelijk wordt, in de jaren tachtig van de vorige eeuw nog niet in voldoende mate in het rechtsbewustzijn was verankerd. Uit die geschiedenis kan, ten aanzien van de mogelijkheid de vervreemdende aandeelhouder aansprakelijk te stellen voor de door de vennootschap nog verschuldigde vennootschapsbelasting of voor mede door toedoen van de vervreemder onrechtmatig veroorzaakte "leeghaalschade", slechts worden afgeleid dat de wetgever met de in art. 40 neergeleg-de aansprakelijkheidsregeling aan de ontvanger in de invorderingssfeer een nieuw instrument ter bestrijding van het misbruik met zogenaamde "vervangingsreserve-B.V.'s" ter beschikking wilde stellen. Dit geschiedde naast de mogelijkheden die invoering van het "open systeem" van de Invorderingswet 1990 aan de ontvanger zou bieden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0a68a8a7747f0da8e90eab9a801b57db8d6500a52e738f16de61e716d3a98769. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0a68a8a7747f0da8e90eab9a801b57db8d6500a52e738f16de61e716d3a98769, en de alinea staat in dat document op bytes 24241 tot 25538.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0a68a8a7747f0da8e90eab9a801b57db8d6500a52e738f16de61e716d3a98769 | shasum -a 256