Citaat | Hoge Raad 29 januari 2002
Alinea 31 Hoge Raad 29 januari 2002
Een alinea uit Hoge Raad 29 januari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD6200.
3.4. In het licht van hetgeen de raadsman ter terechtzitting in hoger beroep omtrent de gang van zaken bij het instellen van het hoger beroep heeft aangevoerd - waaruit bezwaarlijk anders kan volgen dan dat de verdachte hoger beroep heeft willen instellen - is de bestreden beslissing ontoereikend gemotiveerd. Het Hof had moeten doen blijken te hebben onderzocht of de griffier die de akte heeft opgemaakt de in die akte genoemde comparant mededeling heeft gedaan van het vereiste van een bijzondere schriftelijke volmacht. Bij gebreke van een zodanige mededeling zou immers de omstandigheid dat het beroep niet is ingesteld op de wijze als voorgeschreven in art. 450, eerste lid aanhef en onder b, Sv het gevolg kunnen zijn van een niet aan de verdachte toe te rekenen ambtelijk verzuim, in welk geval de verdachte ontvankelijk zou dienen te worden verklaard in zijn hoger beroep.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/31456aa33903da23cedbaca40dbe98d5b8072897ee38db537674029e2081b3ad. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 31456aa33903da23cedbaca40dbe98d5b8072897ee38db537674029e2081b3ad, en de alinea staat in dat document op bytes 9019 tot 9914.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/31456aa33903da23cedbaca40dbe98d5b8072897ee38db537674029e2081b3ad | shasum -a 256