Citaat | Hoge Raad 12 februari 2002
Alinea 40 Hoge Raad 12 februari 2002
Een alinea uit Hoge Raad 12 februari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD6259.
3.10. De steller van het middel miskent dat het is voorbehouden aan de rechter die over de feiten oordeelt om, binnen de door de wet getrokken grenzen, van het beschikbare materiaal datgene tot het bewijs te bezigen hetwelk hem uit een oogpunt van betrouwbaarheid dienstig voorkomt en datgene terzijde te stellen wat hij voor het bewijs van geen waarde acht. Deze beslissing behoeft, behoudens bijzondere gevallen, die zich hier niet voordoen, geen motivering.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/98b5874c4c8f996eb91ddfb9195305055f39b44bc16d86c931056d8cef81f9c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 98b5874c4c8f996eb91ddfb9195305055f39b44bc16d86c931056d8cef81f9c1, en de alinea staat in dat document op bytes 16466 tot 16939.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/98b5874c4c8f996eb91ddfb9195305055f39b44bc16d86c931056d8cef81f9c1 | shasum -a 256