Citaat | Hoge Raad 5 februari 2002

Alinea 29 Hoge Raad 5 februari 2002

Een alinea uit Hoge Raad 5 februari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD6989.

3.2.6. Uit het voorgaande volgt dat indien een feitelijke woon- of verblijfplaats van de verdachte in het buitenland bekend is, de betekening van de dagvaarding geschiedt door toezending daarvan door het openbaar ministerie, hetzij rechtstreeks, hetzij door tussenkomst van de bevoegde buitenlandse autoriteit of instantie. Wat betreft de datum waarop die betekening plaatsvindt geldt, naar moet worden aangenomen, de datum van verzending van het stuk, waarvan dan ook aantekening dient te geschieden op de akte van uitreiking. Opmerking verdient dat indien aan het bovenstaande is voldaan, de omstandigheid dat tevens een uitreiking aan de griffier heeft plaatsgevonden niet meebrengt dat de betekening nietig is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e658ef364d5a1fab33ae887bd246de1588268b441cf38fb1423380d0b296ce9f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e658ef364d5a1fab33ae887bd246de1588268b441cf38fb1423380d0b296ce9f, en de alinea staat in dat document op bytes 9802 tot 10529.