Citaat | Hoge Raad 1 maart 2002
Alinea 39 Hoge Raad 1 maart 2002
Een alinea uit Hoge Raad 1 maart 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD7342.
3.2 [Verweerder] vordert in verband met door hem gedane uitvindingen vaststelling van een billijke vergoeding als bedoeld in art. 10 lid 2 Rijksoctrooiwet 1910 (hierna: Row). De Kantonrechter heeft die vordering afgewezen. De Rechtbank heeft die vordering toewijsbaar geacht en een comparitie bepaald om partijen in de gelegenheid te stellen zich nader uit te laten over de hoogte van de vergoeding.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1edfb43e71d2390818477a56d6da86acc5224bcfe21f52b3f5ad3897f09875eb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1edfb43e71d2390818477a56d6da86acc5224bcfe21f52b3f5ad3897f09875eb, en de alinea staat in dat document op bytes 9883 tot 10295.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1edfb43e71d2390818477a56d6da86acc5224bcfe21f52b3f5ad3897f09875eb | shasum -a 256