Citaat | Hoge Raad 8 maart 2002
Alinea 53 Hoge Raad 8 maart 2002
Een alinea uit Hoge Raad 8 maart 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD7343.
3.5 Onderdeel 2.4 klaagt dat de Rechtbank heeft miskend dat de omstandigheid dat de huurster vóór de procedure geen beroep had gedaan op een opschortingsrecht, niet eraan in de weg staat dat zij zich tijdens de procedure alsnog op een opschortingsrecht beroept. Het onderdeel is gegrond. De bevoegdheid tot opschorting moet worden gezien als een verweermiddel van de schuldenaar in verband met een tegenvordering die hij op zijn schuldeiser heeft. Hieruit volgt dat een beroep op een opschortingsrecht in beginsel steeds kan worden gedaan door de schuldenaar, ook wanneer de schuldeiser in rechte een vordering tot nakoming instelt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff7e7df000791ac92ef8081b33d4afba63d519ac24aac8488afcf0d6e918426e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff7e7df000791ac92ef8081b33d4afba63d519ac24aac8488afcf0d6e918426e, en de alinea staat in dat document op bytes 13493 tot 14140.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ff7e7df000791ac92ef8081b33d4afba63d519ac24aac8488afcf0d6e918426e | shasum -a 256