Citaat | Hoge Raad 1 maart 2002
Alinea 45 Hoge Raad 1 maart 2002
Een alinea uit Hoge Raad 1 maart 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD7358.
3.5 Het in 3.4 overwogene leidt tot de slotsom dat het middel gegrond is. Aan de ontvankelijkheid van de onderhavige op de art. 7:628 en 611 BW gebaseerde loonvorde-ring die betrekking heeft op de periode van 1 januari 1994 tot de ontbinding van de arbeidsovereenkomst op 30 oktober 1997 en die erop gegrond is dat PTT zich jegens [eiser] niet als een goed werkgever heeft gedragen door niet te voldoen aan haar inspanningsverplichting tot reïntegratie van [eiser], staat niet in de weg dat de kantonrechter bij de bepaling van de vergoeding als bedoeld in art. 7:685 lid 8 eveneens rekening heeft gehouden met voormelde tekortkoming van PTT. Daarbij verdient nog opmerking dat er geen grond is te veronderstellen dat de kantonrechter bij het bepalen van de ontbindingsvergoeding rekening heeft gehouden met de aanspraak die [eiser] in het onderhavige geding geldend wenst te maken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/764432a7459b3f93a137e1fd302ae7278cfd3639ff5ef55cdd7c50084070aa97. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 764432a7459b3f93a137e1fd302ae7278cfd3639ff5ef55cdd7c50084070aa97, en de alinea staat in dat document op bytes 12957 tot 13853.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/764432a7459b3f93a137e1fd302ae7278cfd3639ff5ef55cdd7c50084070aa97 | shasum -a 256