Citaat | Hoge Raad 1 februari 2002

Alinea 33 Hoge Raad 1 februari 2002

Een alinea uit Hoge Raad 1 februari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD7372.

Art. 1 lid 1 RvNA bepaalt dat de deurwaarder afschrift van het exploit laat aan de persoon of aan de woonplaats van de geëxploiteerde. Uit art. 2 lid 1 volgt dat het laten van een afschrift aan de woonplaats van de geëxploiteerde geschiedt door het afschrift ter hand te stellen aan een huisgenoot van de geëxploiteerde. Naar het Hof met juistheid heeft overwogen, beoogt deze regeling te bewerkstelligen dat het exploit in handen wordt gegeven van een persoon van wie verwacht mag worden dat hij het exploit snel kan en ook zal doen toekomen aan degenen voor wie het bestemd is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f36b489b2e5f93fe4875689656a7e28a281528061409977fac7f0e462c1656aa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f36b489b2e5f93fe4875689656a7e28a281528061409977fac7f0e462c1656aa, en de alinea staat in dat document op bytes 8392 tot 8988.