Citaat | Hoge Raad 26 april 2002

Alinea 29 Hoge Raad 26 april 2002

Een alinea uit Hoge Raad 26 april 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD7773.

3.3. Onderdeel b van het cassatiemiddel is gericht tegen het oordeel van het Hof dat goed koopmansgebruik belanghebbende evenmin toestaat een voorziening in haar balans op te nemen voor de loonsombijdragen die zij in de toekomst moet betalen aan de Stichting. Tot dit oordeel is het Hof gekomen op grond van de - in cassatie niet bestreden - overweging dat de in de toekomst door belanghebbende aan de Stichting te betalen loonsombijdragen niet gerelateerd zullen zijn aan het aantal werknemers dat belanghebbende thans in dienst heeft of aan het aantal van haar (al of niet voormalige) werknemers dat gebruik maakt van VUT-rechten doch slechts afhankelijk zullen zijn van haar bruto loonsom in de komende jaren, waaraan het Hof terecht de gevolgtrekking heeft verbonden dat deze toekomstige uitgaven niet haar oorsprong vinden in feiten en omstandigheden die zich hebben voorgedaan in de periode voorafgaande aan de balansdatum en dan ook niet aan die periode kunnen worden toegerekend. Hiermede is 's Hofs oordeel dat geen voorziening kan worden gevormd, voldoende gemotiveerd. Ook dit onderdeel van het middel kan niet tot cassatie leiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/57594a7512ed112b2552a4568fe6e7cd5fdb70bad0a6a08754c1182dd2258d63. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 57594a7512ed112b2552a4568fe6e7cd5fdb70bad0a6a08754c1182dd2258d63, en de alinea staat in dat document op bytes 12193 tot 13348.