Citaat | Hoge Raad 26 maart 2002
Alinea 20 Hoge Raad 26 maart 2002
Een alinea uit Hoge Raad 26 maart 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD7805.
Genoemde verdragsbepaling houdt voor wat betreft de bewijsvoering in dat deze moet voldoen aan de dienaangaande in de betreffende staat bestaande regelen. De enkele omstandigheid dat in het verband van de regeling met betrekking tot de ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel de in art. 338 tot en met 344a Sv vervatte bewijsmiddelen daarop niet van toepassing zijn, brengt niet mee dat toepassing van die regeling onverenigbaar is met artikel 6 EVRM."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1d99e8c84d161dfc45d9ff3b6773674a1638562d31c1265175f347b2dd2f319d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1d99e8c84d161dfc45d9ff3b6773674a1638562d31c1265175f347b2dd2f319d, en de alinea staat in dat document op bytes 6743 tot 7217.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1d99e8c84d161dfc45d9ff3b6773674a1638562d31c1265175f347b2dd2f319d | shasum -a 256