Citaat | Hoge Raad 8 maart 2002
Alinea 41 Hoge Raad 8 maart 2002
Een alinea uit Hoge Raad 8 maart 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD8170.
3.4.2 In de door het middel genoemde arresten is aanvaard dat de eigenaar van een voorwerp dat terechtkomt op het perceel van een ander of op de bodem van een vaarwater, ook al valt hem daarvan geen verwijt te maken, terstond nadat hij van de situatie op de hoogte is gekomen, jegens die ander onderscheidenlijk de beheerder van dat vaarwater gehouden is dat voorwerp te verwijderen en door dat na te laten jegens die ander onderscheidenlijk die beheerder onrechtmatig handelt; met dien verstande dat, indien het gaat om een op de bodem van een vaarwater terechtgekomen voorwerp, voor toepassing van deze regel in beginsel vereist is dat de gevaren verbonden aan het niet verwijderen zo groot zijn dat zij de beheerder
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4675289737a943bf10dffd4ee0f4f2b8acffdd2692fa0699dd501bfdec2fd116. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4675289737a943bf10dffd4ee0f4f2b8acffdd2692fa0699dd501bfdec2fd116, en de alinea staat in dat document op bytes 12519 tot 13250.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4675289737a943bf10dffd4ee0f4f2b8acffdd2692fa0699dd501bfdec2fd116 | shasum -a 256