Citaat | Hoge Raad 29 januari 2002
Alinea 18 Hoge Raad 29 januari 2002
Een alinea uit Hoge Raad 29 januari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD8646.
Nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, is niet in acht genomen het voorschrift van art. 437, tweede lid, Sv, zodat de verdachte niet in het beroep kan worden ontvangen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a4c4e682f460e1de7fa468fbf12e09e7e0006f76c349dcfe22634d1d44b9e993. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a4c4e682f460e1de7fa468fbf12e09e7e0006f76c349dcfe22634d1d44b9e993, en de alinea staat in dat document op bytes 7407 tot 7710.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a4c4e682f460e1de7fa468fbf12e09e7e0006f76c349dcfe22634d1d44b9e993 | shasum -a 256