Citaat | Hoge Raad 26 februari 2002
Alinea 20 Hoge Raad 26 februari 2002
Een alinea uit Hoge Raad 26 februari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD8741.
3.3. Bij de beoordeling van de middelen moet worden vooropgesteld dat de rechter die heeft te oordelen over een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel is gebonden aan het oordeel van de rechter in de hoofdzaak. Dat betekent dus onder meer dat in de ontnemingsprocedure de vraag of de feiten waarvoor de betrokkene in de hoofdzaak is veroordeeld zijn bewezen niet meer ter toetse kan komen. Ook van de strafbaarheid van die feiten en van de betrokkene zal in de ontnemingsprocedure moeten worden uitgegaan. Omtrent de dienaangaande in de hoofdzaak gegeven beslissingen kan daarom in een procedure als de onderhavige in cassatie niet met vrucht worden geklaagd. Reeds daarop stuiten de middelen af.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/879208f8e5b311077c871f9c17a6ceed6d690c13f1ac773a2c55157222f4a3b4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 879208f8e5b311077c871f9c17a6ceed6d690c13f1ac773a2c55157222f4a3b4, en de alinea staat in dat document op bytes 7005 tot 7739.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/879208f8e5b311077c871f9c17a6ceed6d690c13f1ac773a2c55157222f4a3b4 | shasum -a 256