Citaat | Hoge Raad 1 februari 2002
Alinea 25 Hoge Raad 1 februari 2002
Een alinea uit Hoge Raad 1 februari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD8763.
Het heeft hiertoe redengevend geoordeeld dat het resultaat dat een belastingplichtige met zijn deelname aan een piramidespel behaalt, niet louter speculatief is, maar mede wordt bepaald door zijn arbeid gericht op het werven van nieuwe deelnemers, en dat ook overigens zich bij deelname aan het piramidespel niet een afgrenzings- of afbakeningskwestie als bedoeld in overweging 3.3 van het arrest van de Hoge Raad van 14 april 1993, nr. 28847, BNB 1993/203, voordoet, nu het hier gaat om in het economisch verkeer verrichte werkzaamheden die buiten de persoonlijke sfeer liggen en die op zichzelf niet voorzienbaar blijvend verliesgevend zijn. Daaraan doet, aldus het Hof, niet af dat de aard van het piramidespel meebrengt dat naarmate men later "instapt", de kans dat het resultaat na aftrek van het inleggeld en eventuele andere kosten positief uitvalt, kleiner is en dat - naar van de zijde van belanghebbende is aangevoerd - 94% van de deelnemers uiteindelijk geen positief resultaat behaalt (rechtsoverweging 6.1 van 's Hofs uitspraak). Naar 's Hofs oordeel in rechtsoverweging 6.2 mist de vraag of met de onderhavige werkzaamheden redelijkerwijs een voordeel kon worden verwacht, betekenis, aangezien die vraag - gelet op het arrest van de Hoge Raad van
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8d3fbae75f8580a625219803f8b4f2467dc4a3b73bc5f030299c4ebafedf669b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8d3fbae75f8580a625219803f8b4f2467dc4a3b73bc5f030299c4ebafedf669b, en de alinea staat in dat document op bytes 9018 tot 10292.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8d3fbae75f8580a625219803f8b4f2467dc4a3b73bc5f030299c4ebafedf669b | shasum -a 256