Citaat | Hoge Raad 25 juni 2002

Alinea 55 Hoge Raad 25 juni 2002

Een alinea uit Hoge Raad 25 juni 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD8950.

De verdediging heeft aangevoerd dat veroordeelden bij een Israëlische bank een lening hebben afgesloten ten bedrage van ƒ 1.000.000,- waarop met uit de omzet afkomstige gelden is afgelost. Niet valt in te zien dat aflossing van een lening relevant is voor de vraag of en in hoeverre de in Nederland bij de exploitatie van wisselkantoren gegenereerde omzet is verkregen uit strafbare handelingen. Daaromtrent komt getuigenverhoor of anderszins nader onderzoek niet aan de orde. Voorzover veroordeelden willen stellen dat rente op die lening een kostenpost betreft, gaat zulks niet op omdat deze rentebedragen geen kosten betreffen die rechtstreeks met de bedoelde strafbare feiten samenhangen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2af0ef7536bcc82ef4b9306d407ad8350255a723204d0a0fa70e1c00acda5021. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2af0ef7536bcc82ef4b9306d407ad8350255a723204d0a0fa70e1c00acda5021, en de alinea staat in dat document op bytes 19833 tot 20540.