Citaat | Hoge Raad 19 maart 2002
Alinea 56 Hoge Raad 19 maart 2002
Een alinea uit Hoge Raad 19 maart 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD8963.
4.4. De kosten van rechtsbijstand zijn evenwel niet aan te merken als schade die rechtstreeks is geleden door het strafbare feit (vgl. HR 21 september 1999, NJ 1999, 801). Dat brengt mee dat dergelijke kosten ook niet in aanmerking kunnen worden genomen bij de oplegging van de in art. 36f, eerste lid, Sr voorziene maatregel. De Rechtbank en het Hof hebben dit miskend door bij de oplegging van de maatregelen van art. 36f, eerste lid, Sr tevens de door elk van de benadeelde partijen gemaakte en tot het vonnis van de Rechtbank op f 500,-- begrote kosten van rechtsbijstand in aanmerking te nemen. De bestreden uitspraak kan in zoverre niet in stand blijven. De Hoge Raad zal het dictum verbeteren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/72187ec9f6bd78171c4fca902782e7a201605ba638ec5b2156f5bb829be0844f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 72187ec9f6bd78171c4fca902782e7a201605ba638ec5b2156f5bb829be0844f, en de alinea staat in dat document op bytes 18509 tot 19223.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/72187ec9f6bd78171c4fca902782e7a201605ba638ec5b2156f5bb829be0844f | shasum -a 256