Citaat | Hoge Raad 12 april 2002

Alinea 42 Hoge Raad 12 april 2002

Een alinea uit Hoge Raad 12 april 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD9124.

In het licht van dit een en ander, en in aanmerking genomen dat de ontstaansgeschiedenis van art. 391 K niet tot een ander oordeel noopt, moet worden aanvaard dat art. 391 niet eraan in de weg staat aan te nemen dat eventuele fouten van een kapitein, die hebben bijgedragen tot het ontstaan van de schade waarvan hij op grond van onrechtmatige daad vergoeding vordert van de werkgever, slechts aan hem kunnen worden toegerekend indien de schade in belangrijke mate het gevolg is van zijn opzet of bewuste roekeloosheid. Zulks geldt ook in de relatie tussen een ingeleende arbeidskracht en degene die hem heeft ingeleend en die door hem wordt aangesproken op grond van art. 1403 (oud) BW.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/93f19eb0f55636ddea673570b6b72710f57cf44e62bfa3f7e4ab999fac02eae2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 93f19eb0f55636ddea673570b6b72710f57cf44e62bfa3f7e4ab999fac02eae2, en de alinea staat in dat document op bytes 14091 tot 14791.