Citaat | Hoge Raad 3 mei 2002
Alinea 43 Hoge Raad 3 mei 2002
Een alinea uit Hoge Raad 3 mei 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD9604.
3.5 De onderdelen 3 en 4 richten zich met rechts- en motiveringsklachten tegen 's Hofs oordeel dat de bevoegdheid van de Rechtbank mede is gebaseerd op art. 5 sub 3 EEX. De onderdelen betogen met een beroep op het arrest van het HvJEG van 27 september 1988, zaak 189/87 (Kalfelis/Bank Schröder), Jurispr. 1988, p. 5565, NJ 1990, 425, dat, voorzover 's Hofs oordeel is gebaseerd op art. 5 sub 3 EEX, de beslissing van het Hof onjuist, althans onvoldoende gemotiveerd is, omdat het Hof heeft miskend dat onder het verdragsautonoom uit te leggen begrip "verbintenis uit onrechtmatige daad" in de zin van art. 5 sub 3 EEX slechts een rechtsvordering valt die geen verband houdt met een "verbintenis uit overeenkomst" in de zin van art. 5 sub 1 EEX. De door het Hof bedoelde "buitencontractuele norm" speelt wellicht in de contractuele verhouding van Ziegler en Spectra een rol, maar kan geen bevoegdheid op de voet van art. 5 sub 3 EEX creëren, nu het in dat verband gestelde niet los kan worden gezien van "verbintenissen uit overeenkomst" in de zin van art. 5 sub 1 EEX. Daarbij komt dat het door Ziegler aan Spectra verwetene niet oplevert de schending van andere normen dan die welke de gestelde contractuele verhouding met zich brengt, en mitsdien niet als schending van een buitencontractuele norm als bedoeld in art. 5 sub 3 EEX kan worden aangemerkt, aldus de onderdelen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e6488dba3be317e2adb023d16ea75ed502a7470514ef614ad3925ff9e0762011. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e6488dba3be317e2adb023d16ea75ed502a7470514ef614ad3925ff9e0762011, en de alinea staat in dat document op bytes 15553 tot 16943.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e6488dba3be317e2adb023d16ea75ed502a7470514ef614ad3925ff9e0762011 | shasum -a 256