Citaat | Hoge Raad 31 mei 2002
Alinea 58 Hoge Raad 31 mei 2002
Een alinea uit Hoge Raad 31 mei 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD9609.
3.7.1 De onderdelen 1.1 - 1.5 betogen dat onbegrijpelijk is waarom de vordering van [eiser] om de vrije beschikking te verkrijgen over kopieën van het door Aegon verzamelde materiaal is afgewezen. De vordering is om de volgende redenen toewijsbaar, aldus de onderdelen: a. Omdat [eiser] geen toestemming heeft gegeven tot het verzamelen van materiaal over hem en het materiaal [eiser] zelf betreft (schaatsend, op het dak klimmend, de hond uitlatend), heeft [eiser] in beginsel recht op afgifte. Zou dit anders zijn, dan had dat in ieder geval een motivering - die nu ontbreekt - gevergd. b. Zou sprake zijn van een registratie als bedoeld in de Wet persoonsregistratie, dan zou Aegon een volledig overzicht moeten verstrekken van wat in de persoonsregistratie is opgenomen. Hiermee correspondeert een recht op het verkrijgen van de kopieën uit die registratie. c. Het "equality of arms-beginsel" noopt ertoe dat [eiser] reeds nu vrijelijk de beschikking krijgt over het door Aegon verzamelde materiaal, zodat hij kan zien wat hij ermee gaat doen en niet hoeft af te wachten of en op welke wijze Aegon het materiaal in de bodemprocedure gaat gebruiken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/31508232c6ce34f0adfe58c7aaf0a133751ffb4ffcc9121fd749d7c077345507. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 31508232c6ce34f0adfe58c7aaf0a133751ffb4ffcc9121fd749d7c077345507, en de alinea staat in dat document op bytes 21761 tot 22928.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/31508232c6ce34f0adfe58c7aaf0a133751ffb4ffcc9121fd749d7c077345507 | shasum -a 256