Citaat | Hoge Raad 1 maart 2002
Alinea 42 Hoge Raad 1 maart 2002
Een alinea uit Hoge Raad 1 maart 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD9708.
3.2.2. Voorzover het middel betoogt dat het Hof de bewijslast onjuist heeft verdeeld, faalt het. Indien een ondernemer betalingen verricht aan een andere ondernemer mag als regel ervan worden uitgegaan dat deze betalingen de tegenwaarde voor een prestatie vormen. Indien een belastingplichtige stelt dat een bijzondere situatie zich voordoet, waardoor deze regel niet opgaat, bij voorbeeld omdat sprake is van verdeling van voor gemeenschappelijke rekening gemaakte kosten, rust de bewijslast daarvan op hem.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/20c5ca45fe4125c001ccc449e89cee0837f4557e2aa717ee4be9b73c61996c29. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 20c5ca45fe4125c001ccc449e89cee0837f4557e2aa717ee4be9b73c61996c29, en de alinea staat in dat document op bytes 9973 tot 10494.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/20c5ca45fe4125c001ccc449e89cee0837f4557e2aa717ee4be9b73c61996c29 | shasum -a 256