Citaat | Hoge Raad 8 maart 2002

Alinea 22 Hoge Raad 8 maart 2002

Een alinea uit Hoge Raad 8 maart 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD9880.

3.6. Een dergelijke aanduiding van de gronden van het bezwaar tegen het bestreden besluit zal in het algemeen mogelijk zijn zonder dat de belastingplichtige een verklaring aflegt ter zake van de gedragingen die de inspecteur aanleiding hebben gegeven tot het opleggen van een verhoging. Uit 's Hofs uitspraak en de stukken van het geding blijkt niet dat is aangevoerd dat zulks in het onderhavige geval anders is. Voorts heeft de Inspecteur belanghebbende erop geattendeerd dat het bezwaar wegens het niet motiveren van het bezwaarschrift niet-ontvankelijk kan worden verklaard. Onder deze omstandigheden kan, mede gelet op de strekking van de motiveringseis, niet worden gezegd dat de Inspecteur in strijd met het recht van belanghebbende om te zwijgen en het recht om zichzelf niet te incrimineren gebruik heeft gemaakt van zijn bevoegdheid het bezwaar wegens het niet motiveren van het bezwaarschrift niet-ontvankelijk te verklaren. Van een 'improper compulsion by the authorities' is geen sprake. Het eerste middel faalt derhalve ook voor het overige.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/495d5a111f9b3669b6d258c838612efded195796b20cdb7735a3b3b7369c05f7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 495d5a111f9b3669b6d258c838612efded195796b20cdb7735a3b3b7369c05f7, en de alinea staat in dat document op bytes 9950 tot 11018.