Citaat | Hoge Raad 8 maart 2002

Alinea 24 Hoge Raad 8 maart 2002

Een alinea uit Hoge Raad 8 maart 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD9880.

3.8. Het vierde middel betoogt dat aan belanghebbende onvoldoende tijd en gelegenheid is geboden tot herstel van de door de Inspecteur veronderstelde gebreken. Het middel faalt aangezien 's Hofs oordeel dat de Inspecteur belanghebbende c.q. haar toenmalige gemachtigde vanaf eind 1996 meermalen in de gelegenheid heeft gesteld het bezwaarschrift nader te motiveren en haar c.q. hem hiertoe ruimschoots voldoende tijd heeft gegund, geen blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting en als verweven met waarderingen van feitelijke aard voor het overige in cassatie niet op zijn juistheid kan worden getoetst. Het is ook niet onbegrijpelijk of onvoldoende gemotiveerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/495d5a111f9b3669b6d258c838612efded195796b20cdb7735a3b3b7369c05f7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 495d5a111f9b3669b6d258c838612efded195796b20cdb7735a3b3b7369c05f7, en de alinea staat in dat document op bytes 11553 tot 12232.