Citaat | Hoge Raad 16 april 2002
Alinea 30 Hoge Raad 16 april 2002
Een alinea uit Hoge Raad 16 april 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD9946.
De verdachte heeft op 6 januari 2000 beroep in cassatie ingesteld. De zaak is ter terechtzitting van de Hoge Raad van 22 januari 2002 voor de eerste maal behandeld, hetgeen ertoe leidt dat de Hoge Raad uitspraak doet nadat meer dan twee jaren zijn verstreken na het instellen van het cassatieberoep.Dat brengt mee dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6, eerste lid, EVRM is overschreden. Dit moet leiden tot strafvermindering.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/95251cb4f5549b8a93bcd4a71241e6538541a724c9ba437d30122dca0c701d28. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 95251cb4f5549b8a93bcd4a71241e6538541a724c9ba437d30122dca0c701d28, en de alinea staat in dat document op bytes 10088 tot 10536.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/95251cb4f5549b8a93bcd4a71241e6538541a724c9ba437d30122dca0c701d28 | shasum -a 256