Citaat | Hoge Raad 15 maart 2002

Alinea 40 Hoge Raad 15 maart 2002

Een alinea uit Hoge Raad 15 maart 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE0177.

3.4 Ingevolge art. 271 (oud) RvNA was [eiser] bevoegd binnen 30 dagen na de verklaring waarbij hoger beroep was ingesteld, 25 oktober 1999, een memorie van grieven in te dienen bij de Griffier van het Gerecht in Eerste Aanleg, derhalve uiterlijk op 24 november 1999. In cassatie moet ervan worden uitgegaan dat, zoals blijkt uit de brief van de Griffier van het Gerecht in Eerste Aanleg van 22 november 1999, de griffie op Sint Maarten van 17 november 1999 tot en met 28 november 1999 gesloten was in verband met de orkaan Lenny. Art. 18a RvNA – dat bepaalt dat indien op de laatste dag van een termijn, binnen welke de indiening van enig verzoekschrift of enige akte, dan wel de aflegging van enige verklaring ter griffie van het Gerecht in Eerste Aanleg of van het Hof van Justitie moet geschieden, de griffie gesloten is, de indiening of aflegging alsnog kan geschieden op de eerstvolgende dag waarop de griffie geopend is – dient aldus te worden uitgelegd dat het ook betrekking heeft op het indienen van een memorie van grieven. Een en ander brengt mee dat, nu [eiser] de memorie van grieven op 29 november 1999 heeft ingediend, het Hof ten onrechte heeft geoordeeld dat de memorie van grieven te laat in het geding is gebracht. Het onderdeel slaagt derhalve.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/52ce63f0281daf6709a7718ea8bb9e78139f402926342db398600522b56ea9f3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 52ce63f0281daf6709a7718ea8bb9e78139f402926342db398600522b56ea9f3, en de alinea staat in dat document op bytes 9680 tot 10962.