Citaat | Hoge Raad 21 mei 2002

Alinea 44 Hoge Raad 21 mei 2002

Een alinea uit Hoge Raad 21 mei 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE0532.

4.1. De eerste klacht van het middel komt op tegen de verwerping van het verweer dat de uitlevering van de opgeëiste persoon ontoelaatbaar moet worden verklaard omdat hij in flagrante strijd met artikel 6, eerste lid, EVRM bij verstek is veroordeeld tot een gevangenisstraf van 30 jaren zonder in persoon te zijn geïnformeerd over de datum van de zitting en zonder de mogelijkheid te hebben tegen die uitspraak nog een effectief rechtsmiddel aan te wenden. De tweede klacht komt op tegen het oordeel van de Rechtbank dat de uitlevering is gevraagd ten einde de opgeëiste persoon verder te vervolgen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7a89b9812f8b8f8e4666ff488da9f4eca5d907b36a366c4b2ffc3b707d9dd86. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7a89b9812f8b8f8e4666ff488da9f4eca5d907b36a366c4b2ffc3b707d9dd86, en de alinea staat in dat document op bytes 11946 tot 12561.