Citaat | Hoge Raad 14 juni 2002
Alinea 86 Hoge Raad 14 juni 2002
Een alinea uit Hoge Raad 14 juni 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE0629.
Onderdeel 1.1 wijst erop dat de President in haar vonnis van 23 februari 1999 de Staat geboden heeft de hoofdstukken II tot en met IV van de Whv ten aanzien van de leden van NVV en ten aanzien van [eiser] c.s. vooralsnog buiten toepassing te laten, zulks op de grond dat de Rechtbank in de bodemzaak heeft geoordeeld dat de Whv, voorzover betrekking hebbend op het systeem van varkens- en fokzeugenrechten, bij gebreke van een adequate schadevergoedingsregeling voor de eigenaren van de mestproductierechten in strijd is met art. 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM. Het onderdeel klaagt in de eerste plaats, kort samengevat, dat het Hof heeft miskend dat in een dergelijk geval, waarin volgens een rechterlijke uitspraak een wet in formele zin als zodanig in strijd is met een direct werkende verdragsbepaling, en die wet dus buiten toepassing moet blijven, art. 3:305a principieel niet voor toepassing in aanmerking kan komen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/688bfb6910ea03aa7590e00a3c0f2bff9df6c18463c2b686581e4a59764c01ee. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 688bfb6910ea03aa7590e00a3c0f2bff9df6c18463c2b686581e4a59764c01ee, en de alinea staat in dat document op bytes 23160 tot 24105.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/688bfb6910ea03aa7590e00a3c0f2bff9df6c18463c2b686581e4a59764c01ee | shasum -a 256