Citaat | Hoge Raad 31 mei 2002

Alinea 32 Hoge Raad 31 mei 2002

Een alinea uit Hoge Raad 31 mei 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE0748.

3.1 In cassatie kan worden uitgegaan van de door het Hof in rov. 2.1 tot en met 2.10 van het bestreden arrest vastgestelde feiten. Het gaat in deze zaak om de vraag of de vrouw in het kader van de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap aanspraak kan maken op een vergoeding ter zake van door de man in zijn advocatenpraktijk opgebouwde goodwill. De Rechtbank heeft die vraag bevestigend beantwoord, het Hof ontkennend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2105544df76c3704228e0fa6a51fff20a7e2fb6a8068bfa28df728ca7328f69e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2105544df76c3704228e0fa6a51fff20a7e2fb6a8068bfa28df728ca7328f69e, en de alinea staat in dat document op bytes 9323 tot 9761.