Citaat | Hoge Raad 31 mei 2002

Alinea 38 Hoge Raad 31 mei 2002

Een alinea uit Hoge Raad 31 mei 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE0748.

3.3 Onderdeel 2 is gericht tegen het oordeel van het Hof dat de vrouw onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van zakelijke onbelichaamde goodwill, en dat daarvan ook overigens niet gebleken is. Nu het Hof dit oordeel - uitdrukkelijk - ten overvloede heeft gegeven, kan dit onderdeel bij gebrek aan belang niet tot cassatie leiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2105544df76c3704228e0fa6a51fff20a7e2fb6a8068bfa28df728ca7328f69e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2105544df76c3704228e0fa6a51fff20a7e2fb6a8068bfa28df728ca7328f69e, en de alinea staat in dat document op bytes 14270 tot 14626.