Citaat | Hoge Raad 31 mei 2002
Alinea 41 Hoge Raad 31 mei 2002
Een alinea uit Hoge Raad 31 mei 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE0748.
3.4.2 Het onderdeel berust op onjuiste lezing van deze overweging voor zover het betoogt dat het Hof bij de beoordeling van de vordering van de vrouw niet in aanmerking heeft genomen dat zij ook verrekening van de waarde van goodwill op grond van redelijkheid en billijkheid heeft verzocht. Uit de aangehaalde overweging blijkt dat het Hof ook deze grondslag in zijn beoordeling heeft betrokken. In zoverre kan het onderdeel bij gebrek aan feitelijke grondslag niet tot cassatie leiden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2105544df76c3704228e0fa6a51fff20a7e2fb6a8068bfa28df728ca7328f69e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2105544df76c3704228e0fa6a51fff20a7e2fb6a8068bfa28df728ca7328f69e, en de alinea staat in dat document op bytes 15069 tot 15568.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2105544df76c3704228e0fa6a51fff20a7e2fb6a8068bfa28df728ca7328f69e | shasum -a 256