Citaat | Hoge Raad 28 juni 2002
Alinea 57 Hoge Raad 28 juni 2002
Een alinea uit Hoge Raad 28 juni 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE1544.
4.5 Aantekening verdient nog het volgende. Indien een deskundige door een Kamer of een Kamercommissie wordt ingeschakeld zonder op eigen naam naar buiten te treden, loopt hij niet het risico van strafrechtelijke of civielrechtelijke aansprakelijkheid. Ook indien een deskundige door een parlementaire enquêtecommissie als zodanig wordt gehoord loopt hij niet dat risico. Immers, in dat laatste geval wordt de deskundige beschermd door art. 24 van de Wet op de Parlementaire Enquête: afgelegde verklaringen kunnen (behoudens als het gaat om een valse verklaring) nimmer als bewijs in rechte gelden, hetzij tegen degene door wie zij zijn afgelegd, hetzij tegen derden. Problemen kunnen zich dus slechts voordoen indien, zoals hier, een Kamerlid of Kamercommissie voor het indienen van een stuk bij de Kamer bijstand verlangt van een persoon, die deze onder eigen naam verleent. Voor zodanige gevallen zou in de reglementen van orde een regeling getroffen kunnen worden die de mogelijkheid opent dat Kamerleden zich tijdens de beraadslaging kunnen laten bijstaan door een persoon die onder eigen naam deelneemt aan de beraadslaging. Tenslotte kan nog gewezen worden op de - praktische - mogelijkheid dat de Staat de ingeschakelde deskundige schadeloos stelt, indien hij door een derde wordt aangesproken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8bacf13d39fe0197ce8cff16779dab9429c6604bd06856ceb21292f34a4aec4b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8bacf13d39fe0197ce8cff16779dab9429c6604bd06856ceb21292f34a4aec4b, en de alinea staat in dat document op bytes 20856 tot 22173.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8bacf13d39fe0197ce8cff16779dab9429c6604bd06856ceb21292f34a4aec4b | shasum -a 256