Citaat | Hoge Raad 2 juli 2002

Alinea 23 Hoge Raad 2 juli 2002

Een alinea uit Hoge Raad 2 juli 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE1738.

1. Alvorens het hof de gronden bespreekt die zijn aangevoerd door de raadsman, welke zijns inziens moeten leiden tot bewijsuitsluiting van de aangetroffen hoeveelheid van ongeveer 2 kilo cocaïne in de woning aan de [a-straat 1] te Den Haag, dan wel dat, ingeval van strafoplegging, ingevolge het bepaalde in artikel 359a van het Wetboek van Strafvordering wegens vormverzuimen tot strafvermindering moet worden overgegaan, gaat het hof - op basis van de stukken van het dossier - uit van de volgende, voorzover in dit kader relevant, vaststaande feiten en omstandigheden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd6242a471c527362921b5b06fabfeaa8f60174db6a3073cdc0d99279e0ca8a5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd6242a471c527362921b5b06fabfeaa8f60174db6a3073cdc0d99279e0ca8a5, en de alinea staat in dat document op bytes 8598 tot 9183.