Citaat | Hoge Raad 2 juli 2002

Alinea 40 Hoge Raad 2 juli 2002

Een alinea uit Hoge Raad 2 juli 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE1738.

4.3. Voorzover het middel de klacht bevat dat het Hof niet heeft vastgesteld dat het optreden van de rechter-commissaris niet kon worden afgewacht, faalt het. Het Hof heeft aannemelijk geoordeeld dat de verdachte en [betrokkene 1] verdovende middelen in de woning in de [a-straat] aanwezig hadden en dat de personen [betrokkene 5] en [betrokkene 4] daarvan op de hoogte waren geraakt en dat er voor de politie voldoende reden was om dadelijk na de aanhouding van de verdachten tot huiszoeking over te gaan teneinde te voorkomen dat de verdovende middelen zouden verdwijnen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd6242a471c527362921b5b06fabfeaa8f60174db6a3073cdc0d99279e0ca8a5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd6242a471c527362921b5b06fabfeaa8f60174db6a3073cdc0d99279e0ca8a5, en de alinea staat in dat document op bytes 15484 tot 16071.