Citaat | Hoge Raad 11 juni 2002
Alinea 23 Hoge Raad 11 juni 2002
Een alinea uit Hoge Raad 11 juni 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE1743.
3.5. Op grond van het voorgaande heeft het Hof kunnen oordelen dat de levensberoving door de verdachte niet het gevolg is geweest van een ogenblikkelijke gemoedsbeweging maar dat voor hem de gelegenheid heeft bestaan als hiervoor onder 3.3 bedoeld. Daaraan doet niet af dat, zoals het middel aanvoert, die gelegenheid slechts gedurende korte tijd zou hebben bestaan. Dat de verdachte heeft gehandeld na kalm beraad en rustig overleg kan derhalve uit de bewijsmiddelen worden afgeleid.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9b1ab2bb850787cdad6040f8ad5148d5a48917713caa567d4d1e6400df3bce7c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9b1ab2bb850787cdad6040f8ad5148d5a48917713caa567d4d1e6400df3bce7c, en de alinea staat in dat document op bytes 8207 tot 8705.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9b1ab2bb850787cdad6040f8ad5148d5a48917713caa567d4d1e6400df3bce7c | shasum -a 256