Citaat | Hoge Raad 9 augustus 2002

Alinea 44 Hoge Raad 9 augustus 2002

Een alinea uit Hoge Raad 9 augustus 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE2113.

3.5 Uit het voorgaande volgt dat het vonnis van de Rechtbank niet in stand kan blijven, zodat verwijzing moet volgen. De subsidiaire klacht van het tweede middel en het derde middel behoeven geen bespreking. Na verwijzing zal onder meer aan de orde moeten komen (i) of in de aan [eiser] uitbetaalde vergoedingen een bestanddeel is begrepen voor de kosten van een casco-, inzittenden- en ongevallenverzekering, zoals [verweerster] had aangevoerd, en (ii) in hoeverre [eiser] heeft begrepen of had moeten begrijpen dat de door hem ontvangen vergoeding er mede toe strekte premies van door hem te sluiten verzekeringen te dekken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0a9ef81863fb9f8b95f3737bd7d6d6cdc1e6cef56c55c0c396647706e948ea40. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0a9ef81863fb9f8b95f3737bd7d6d6cdc1e6cef56c55c0c396647706e948ea40, en de alinea staat in dat document op bytes 12795 tot 13434.