Citaat | Hoge Raad 9 augustus 2002

Alinea 53 Hoge Raad 9 augustus 2002

Een alinea uit Hoge Raad 9 augustus 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE2115.

4.2 Het geschil tussen partijen betreft, kort samengevat, een overeenkomst krachtens welke Crescendo aan [verweerster 3] of haar aandeelhouders Bonoparti c.s. een bedrag van ƒ 1,5 miljoen ter beschikking diende te stellen, met het doel [verweerster 3] het vereiste minimumkapitaal te verschaffen om als commissionair deel te nemen aan de effectenhandel op de beurs te Amsterdam. Volgens Crescendo stond daartegenover dat zij het recht zou krijgen deel te nemen in het aandelenkapitaal van [verweerster 3]. De vorderingen van Crescendo in conventie strekken in hoofdzaak tot levering van 35% van de aandelen in [verweerster 3] aan haar, subsidiair tot verder onderhandelen over een daartoe strekkende overeenkomst dan wel schadevergoeding terzake. De vorderingen van Bonoparti c.s. in reconventie strekken in hoofdzaak tot opheffing van het door Crescendo op de aandelen in [verweerster 3] gelegde beslag en vergoeding van de door dat beslag veroorzaakte schade.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/104ff58bd88507068b38a28aad08616c0f56266599791a414521bd58f30aedd3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 104ff58bd88507068b38a28aad08616c0f56266599791a414521bd58f30aedd3, en de alinea staat in dat document op bytes 12351 tot 13326.