Citaat | Hoge Raad 27 september 2002

Alinea 78 Hoge Raad 27 september 2002

Een alinea uit Hoge Raad 27 september 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE2143.

C. Bij de in vraag 5 (4) bedoelde rechtsfiguur van de formele rechtskracht gaat het om een in de rechtspraak ontwikkelde regel. Die regel houdt, voorzover thans van belang, in dat de burgerlijke rechter bij de beoordeling van een vordering uit onverschuldigde betaling als de onderhavige, waarin de betaalde bestemmingsheffing wordt teruggevorderd op de grond dat het aan de betaling ten grondslag liggende besluit niet rechtsgeldig is, er - behoudens uitzonderingsgevallen - van heeft uit te gaan dat het besluit zowel wat zijn wijze van tot stand komen als wat zijn inhoud betreft in overeenstemming is met de desbetreffende wettelijke voorschriften, wanneer dat besluit in een bestuursrechtelijke procedure had kunnen worden aangevochten, maar de belanghebbende van die procedure geen gebruik heeft gemaakt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f69c90daf4deb796573b30029276f30e8211cbdaec18b974f1ddb282371b4ac5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f69c90daf4deb796573b30029276f30e8211cbdaec18b974f1ddb282371b4ac5, en de alinea staat in dat document op bytes 30638 tot 31461.