Citaat | Hoge Raad 9 augustus 2002

Alinea 73 Hoge Raad 9 augustus 2002

Een alinea uit Hoge Raad 9 augustus 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE2176.

3.4.6 De onderdelen 2.4.1 - 2.4.8 voeren een aantal argumenten aan die strekken ten betoge dat het Hof zijn oordeel dat de verplichting tot vergoeding van de verdere schade geheel is vervallen nader had behoren te motiveren. Tegen de achtergrond van het, blijkens het vorenoverwogene tevergeefs bestreden, uitgangspunt van het Hof dat door het niet voldoen aan de schadebeperkingsplicht door [eiser] c.s. het causaal verband is verbroken, behoefde het Hof zich niet te begeven in een onderzoek van de vraag of en in hoeverre de verdere schade niet voor rekening van [eiser] c.s. zou moeten blijven, maar door [verweerder] c.s. zou moeten worden vergoed. De onderdelen zijn derhalve tevergeefs voorgesteld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cee3f48bc46ef4185b1397a1f4d5b69ce094f4ee12fec214063ed7e05bf8ac96. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cee3f48bc46ef4185b1397a1f4d5b69ce094f4ee12fec214063ed7e05bf8ac96, en de alinea staat in dat document op bytes 25631 tot 26349.