Citaat | Hoge Raad 13 september 2002

Alinea 22 Hoge Raad 13 september 2002

Een alinea uit Hoge Raad 13 september 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE2177.

Na verdere conclusiewisseling tussen partijen heeft de Rechtbank bij tussenvonnis van 17 juli 1996 [eiseres] tot bewijslevering toegelaten. Na enquête heeft de Rechtbank bij tussenvonnis van 25 februari 1998 de zaak naar de rol verwezen teneinde [eiseres] in staat te stellen zich uit te laten over de schadecijfers, waarop CFI desnodig kan reageren. Bij eindvonnis van 22 juli 1998 heeft de Rechtbank [eiseres] veroordeeld om aan CFI te betalen een bedrag van CFA fr. 7.140.975,-- althans de tegenwaarde van dat bedrag in Nederlandse courant naar de dag van betaling, vermeerderd met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 6 januari 1984 tot aan de dag van betaling, dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad verklaard, onder de voorwaarde dat de executie slechts kan plaatsvinden tegen zekerheidsstelling tot het bedrag van de door [eiseres] te betalen bedragen, vermeerderd met 30%, en het meer of anders gevorderde afgewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ce6fac912ca8f80d7403eee85328689faaafb88cddb6d44a7e8a315b772e7490. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ce6fac912ca8f80d7403eee85328689faaafb88cddb6d44a7e8a315b772e7490, en de alinea staat in dat document op bytes 6154 tot 7094.